Ontbijttip: vla!

Standaard

IMG_5644

Toetjes eten als ontbijt: ja dat kan makkelijk als je het zelf maakt. Het is het  lievelingsontbijt van mijn zoontje en hij vraagt er bijna dagelijks om. Vla uit de supermarkt eten wij nooit meer. Het bestaat uit veel suiker (1 schaaltje vanille vla is vaak goed voor 3.5 klontjes suiker) daarnaast zitten er vaak kleurstoffen in om het een duidelijke kleur te geven. Omdat ik ook een dochter heb die geen lactose verdraagt, is vla op basis van koeienmelk ook daarom geen optie.

Deze notenvla kwam ik vorig jaar tegen op internet. Ik heb hem toen geplaatst op mijn site en kwam onlangs tot de ontdekking dat de link niet meer werkt. Reden om mijn versie op mijn eigen blog te plaatsen zodat ik het recept nooit meer kwijt raak:

Ingrediënten (voor circa 4 personen)

650 ml amandelmelk (merk: provamel)
3 el arrowroot
1 el honing (koudgeslingerd) of een ander zoetmiddel
2 tl kaneel
1/2 theelepel vijf kruiden poeder
1 tl carobepoeder

Hoe te bereiden?

Verwarm de amandelmelk in een steelpannetje. Voeg de honing toe. Om de melk nu te laten indikken voeg je de eetlepels arrowroot toe. Zorg dat het vuur nu heel laag staat. Bij het toevoegen van de poeder, direct de melk goed doorroeren met een garde. Dit ter voorkoming van klontjes. (Mijn kinderen willen het liefste wel met klontjes, ze noemen deze gummiebeertjes, maar ik vind klontjes heel vies). Als de melk dik wordt, voeg je de kruiden toe en roer je deze door de vla heen. Jouw notenvla is klaar! Wij voegen altijd frambozen, blauwe bessen, kokosrasp en amandelnoten toe maar schijfjes banaan zijn ook favoriet bij mijn kinderen. Combineren met Griekse yoghurt is ook heel lekker.


N.B. Vind je mijn recept ook zo lekker? Wat leuk. Wil je het recept gebruiken op jouw blog, website of iets dergelijks? Dan zou ik dat heel leuk vinden, maar alleen door het gebruik van een link naar mijn blog en met bronvermelding. Het overnemen danwel kopiëren van mijn recepten is niet toegestaan.

Advertenties

Filet American

Standaard

IMG_2207

Filet American was het eerste dat ik schrapte nadat ik me had verdiept in verkeerde (ook wel rode) e-nummers. Jaren geleden kochten wij alleen filet american als wij een feestje gaven of visite kregen. Naast de brie, kruidenkaas en de tonijnsalade voor op een toastje stond ook een bakje filet american op tafel. Blij was ik als het die avond niet helemaal op ging, want dan had ik de volgende ochtend ook nog wat voor op mijn boterham. Veel langer kon je het ook niet bewaren. En daar speelden supermarkten vervolgens heel slim op in. Door het toevoegen van bepaalde e-nummers, werd het product langer houdbaar. Er stond de consument niets meer in de weg om filet american nu te kopen, ook al was je niet voornemens om het binnen een paar dagen op te eten. Tegenwoordig is de houdbaarheid van filet american zelfs bij sommige supermarkten toegenomen tot zeker 10 dagen. Is het dan nog wel vers? Het blijft toch rauw vlees. Die vraag heb ik me de afgelopen jaren nooit gesteld maar na het verdiepen in e-nummers, snap ik nu de langere houdbaarheid wel.

Wat zijn e-nummers dan?

E-nummers worden ook wel additieven of toevoegingen genoemd. Het zijn stoffen die aan voedingsmiddelen toegevoegd worden om ze bijvoorbeeld een bepaalde kleur, smaak of een langere houdbaarheid te geven. Ze komen niet van nature voor in voedsel. Toevoegingen die de overheid “veilig” acht, krijgen een e-nummer. (De e staat voor Europa). De stoffen kunnen een natuurlijke additief zijn (voortkomend uit planten of dieren) of ze kunnen gefabriceerd worden in de fabriek.

Met name dat laatste beangstigt me. Wat voor een chemische stoffen worden dan in de voedselindustrie bedacht? En denken die ook nog aan de gezondheid van de consument of denken die vooral aan het verkopen van hun producten? Ik ben bang voor het laatste. Ik heb inmiddels een app op mijn Iphone geïnstalleerd die me van alles verteld over deze e-nummers. Of ze rood (=vermijden), oranje (=twijfelachtig dus voorzichtig mee zijn) en groen (onschuldig) zijn. Daar staat ook nog bij wat deze toevoeging inhoudt en waarvoor het gemaakt is. Bijvoorbeeld de E621 is zo’n synthetische smaakversterker die in helaas heel veel producten zit.  Het heeft als doel de smaakpapillen te stimuleren en het heeft als effect de consument meer zin te geven om producten te eten waar dit additief in verwerkt is. Hierdoor eet je dus bijvoorbeeld een hele zak paprika chips in één keer leeg. En ja, de E621 zit dus ook in filet american, naast nog veel meer andere e-nummers. Zie het etiket wat ik vandaag in de supermarkt fotografeerde:

Etiket filet american

En zoals je kunt zien, zit er naast rode e-nummers, zelfs ook suiker in de filet american. Zucht…..

Maar gelukkig heb ik een alternatief gevonden! Ik maak het nu namelijk gewoon zelf. Het is naar een recept van Carola van Bemmelen. Zij heeft het opgenomen in haar boek ‘100% suikervrij in 30 dagen’. In mijn periode volledig vrij van geraffineerde suikers, heb ik het een keertje gemaakt. Vandaag heb ik het ook weer gemaakt, ook al had ik niet alle ingrediënten in huis. Maar deze variant was ook heel lekker:

Recept Filet American (beleg voor circa 3 à 4 broodjes):

100 gram rundertartaar (van de biologische slager)
1/2 eetlepel mayonaise*
1 eetlepel olijfolie
1 theelepel citroensap
1/2 theelepel mosterd
1/2 uitje, gesneden in blokjes
peper
optioneel: 1 theelepel tomatenpuree

Omdat ik weer Veldsla in mijn groentekistje had, heb ik deze er lekker als garnering bovenop gedaan. Mijn broodje (op de foto) is een olijvenbroodje van de natuurwinkel.

* mijn mayonaise is Ton’s friszure mayo van de natuurwinkel (uiteraard zonder verkeerde e-nummers) maar zelfgemaakte of Belgische mayonaise kan ook. Lees vooral héél goed het etiket op de verpakking!

N.B. Vind je mijn recept ook zo lekker? Wat leuk. Wil je het recept gebruiken op jouw blog, website of iets dergelijks? Dan zou ik dat heel leuk vinden, maar alleen door het gebruik van een link naar mijn blog en met bronvermelding. Het overnemen danwel kopiëren van mijn recepten is niet toegestaan.